Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Leerstof praktisch bekwaamheidsexamen

Voorstelling van de te kennen leerstof voor het praktisch bekwaamheidsexamen

Artikel 51 van de Wet van 22 april 1999 betreffende de boekhoudkundige en fiscale beroepen voorziet dat: “De inschrijving op het tableau van de titularissen van het beroep is afhankelijk van het op voldoende wijze doorlopen van een stage.(….) § 2. De stage wordt afgesloten met het slagen in een praktisch bekwaamheidsexamen, georganiseerd door het Beroepsinstituut. Dit examen kan verschillend zijn voor stagiair-boekhouders en stagiair-boekhouders-fiscalisten. Het programma, de voorwaarden en de samenstelling van de examenjury worden door de Koning vastgesteld.”

Het Koninklijk Besluit van 27 september 2015 (Belgisch Staatsblad 23 november 2015) leggen het programma, de voorwaarden en de examenjury vast voor het praktisch bekwaamheidsexamen van de “erkende boekhouders” en “erkende boekhouders-fiscalisten”.

Het praktisch bekwaamheidsexamen heeft tot doel na te gaan of de stagiair aan het einde van zijn stageperiode in staat is om zijn theoretische kennis in de beroepspraktijk van een erkend boekhouder of erkend boekhouder-fiscalist toe te passen alsook of hij in staat is het beroep uit te oefenen met inachtneming van de wetten en de regels van plichtenleer. (artikel 2 K.B. 27 september 2015).

Het praktisch bekwaamheidsexamen bestaat uit een schriftelijke en een mondelinge proef, welke gelijkwaardig zijn, rechtstreeks of onrechtstreeks handelend over volgende vakken:

1. algemene boekhouding;

2. wetgeving op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen;

3. algemene beginselen van het financieel beheer;

4. het opstellen, de analyse en de kritische beoordeling van de jaarrekening;

5. organisatie van de boekhoudingsdiensten en van de administratieve diensten van de onderneming;

6. belasting op de toegevoegde waarde;

7. personenbelasting;

8. vennootschapsbelasting;

9. belastingsprocedures;

10. vennootschapsrecht en de wetgeving in verband met ondernemingen in moeilijkheden;

11. beginselen van registratie- en successierechten;

12. organisatie en beheer van een boekhoudkantoor;

13. beginselen van het arbeids- en sociaal zekerheidsrecht;

14. plichtenleer van de erkende boekhouders en boekhouders-fiscalisten met inbegrip van de beginselen inzake de wetgeving tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme

(artikel 4 K.B. 27 september 2015)


Laatst gewijzigd op 28/09/2017 15:45:41