Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Permanente vorming
A. Wettelijke basis

Koninklijk besluit tot goedkeuring van het stagereglement van het beroepsinstituut van boekhouders (KB van 10 april 2015- BS 19 mei 2015)

Art. 17. De stagiair neemt nauwgezet deel aan de verplichte voordrachten en seminaries die door de Raad ten behoeve van de stagiairs georganiseerd worden.

Voor hetgeen niet expliciet wordt voorzien door dit reglement, zijn de stagiairs onderworpen aan dezelfde regels als de erkende boekhouders (-fiscalisten) met inbegrip van de identificatieplicht zoals voorzien door de anti-witwaswetgeving.

De stagiair maakt aan het beroepsinstituut binnen de gestelde termijn de verslagen en informatie over die hem worden gevraagd en beantwoordt de vragen die hem worden gesteld.

Koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement van plichtenleer van het beroepsinstituut van erkende boekhouders en fiscalisten – BIBF (KB van 18 juli 2017 - BS 14 augustus 2017)

Artikel 15.De boekhouder BIBF zal de nodige zorg besteden aan zijn beroepsver­volmaking. De Raad bepaalt het minimum aantal uren dat jaarlijks aan de beroepsver­volmaking moet worden besteed en kan ook onder­werpen inzake beroepsvervolma­king aan­duiden. Het aantal uren en de onderwer­pen, voor zover ze werden be­paald, wor­den aan de boekhouders BIBF bekend gemaakt.

De boekhouder BIBF zal de gevolgde beroepsvervolmaking jaarlijks rapporteren aan het Beroepsinstituut en zal op verzoek van de Kamer de nodige bewijzen dienen voor te leggen van de onderwerpen en de tijd, die hij aan zijn beroepsvervolmaking heeft besteed.

Elke boekhouder BIBF, die zijn ontslag indient en door de Kamer van het tableau van de beroepsbeoefenaars ofde lijst van de stagiairs wordt weggelaten,moet binnen het jaar volgend op zijn herinschrijving op het tableau van de beroepsbeoefenaars of op delijst van de stagiairs, een door de Raad bepaalde bijkomende beroepsvervolmaking volgen, voor zover de uitschrij­ving langer dan twaalf maanden heeft geduurd.

De boekhouder BIBF, die tijdens de periode van zijn uitschrijving de door de Raad vastgestelde regels inzake beroeps­ver­volmaking heeft nageleefd, is niet ver­plicht de bijkomende beroepsvervolmaking te volgen bij zijn herin­schrijving.

B. uitvoering

1. Algemeen

De deontologische verplichting voor de leden en stagiairs inzake permanente vorming wordt vastgelegd door artikel 15 van het KB inzake de plichtenleer.

In dit kader zal de Nationale Raad jaarlijks het aantal uren bepalen dat elk lid van het Instituut minstens jaarlijks dient te besteden aan permanente vorming. Deze richtlijn wordt gepubliceerd op www.bibf.be. Terzake de onderwerpen en wijze waarop de permanente vorming kan gevolgd worden wordt verwezen naar de Richtlijn van de Nationale Raad de dato 19 mei 2006 (gepubliceerd op www.bibf.be ).

Alle leden van het Instituut moeten via het Extranet jaarlijks een verslag indienen over de door hun in dat kalenderjaar gevolgde permanente vorming. De uiterste datum waarop dit verslag moet worden ingediend/afgesloten wordt jaarlijks bepaald door de Nationale Raad en bekendgemaakt samen met het minimum aantal uren dat moet gevolgd worden.

Deze verplichtingen zijn ook integraal van toepassing op de stagiairs BIBF.

De stagiair die op een andere datum dan 01 januari de stage begint dient in dat eerste jaar pro-rata de resterende tijd een minimum aantal uren te volgen. Ter illustratie : Voor 2016 bedraagt het minimum aantal uren 40. Indien de stage begint op 01 juni 2016 moet in 2016 nog ten minste 6/12 van 40 uren gevolgd worden, nl.20.

De seminaries die door het Instituut ten behoeve van de stagiairs georganiseerd worden tellen tevens mee als permanente vorming en mogen dus ook in het jaarlijks verslag hierover worden opgenomen.

2. De seminaries door het Instituut ten behoeve van de stagiairs georganiseerd worden

Naast de algemene verplichting tot permanente vorming dienen de stagiairs ook deel te nemen aan de voordrachten en seminaries die door het Instituut ten behoeve van de stagiairs georganiseerd worden. Deze seminaries zijn niet alleen bedoeld als bijscholing maar ook als voorbereiding op het praktisch bekwaamheidsexamen.

Er worden in beginsel jaarlijks 5 seminaries voorzien zodat binnen een periode van twee jaar alle materies van het praktisch bekwaamheidsexamen kunnen worden behandeld.

Het programma (onderwerp, datum en locatie) van de seminaries wordt per jaar vastgelegd en kan op de website en op het portaal Extranet (rubriek documenten/stage) worden geraadpleegd.

! De deelname aan deze seminaries is een verplichting voor alle stagiairs ! De effectief gevolgde seminaries komen dan wel in aanmerking voor de 40 u permanente vorming die de leden en stagiairs minimaal per jaar moeten doen en kunnen dan ook het jaarverslag over de permanente vorming worden opgenomen.

In het belang van de stagiair zal niet geduld worden dat het seminarie vroegtijdig verlaten wordt.

De stagiair die niet aanwezig kan zijn dient de stagedienst (stagedienst@bibf.be) hiervan in kennis te stellen en dit vóór het seminarie. Een dergelijke in kennisstelling kan in geen enkel geval gelijkgesteld worden met een aanwezigheid op het betreffende seminarie.

3. De (langdurige) vormingen gevolgd in een Hogeschool, Centra voor volwassenonderwijs, Syntra, Universiteiten …

De Richtlijn (19 mei 2006)van de Nationale Raad betreffende de permanente vorming laat toe dat de uren gevolgd in het kader van lessen aan een onderwijsinstelling meetellen als permanente vorming.

Enkel die lessen die in direct verband staan met de uitoefening van het beroep komen hiervoor in aanmerking.

Praktisch

1.Wat moet men vragen aan de organiserende instelling ?
  • 1.een attest (per kalenderjaar) ;
  • 2.met melding van :
    oNaam + voornaam ;
    oTitel van gedoceerde vakken ;
    oAantal uren aanwezig per vak

2.Hoe aangeven ?

In de rubriek permanente vorming op het Extranet

https://extranet.ipcf.be/XPLogin.asp

Invoer : eender welke datum van het jaar, titel van het vak, aantal uren

3.Wat moet ik doen met het attest ?

U moet dit samen met de andere attesten gedurende 5 jaar bewaren. De diensten van het Instituut kunnen dit ten allen tijde opvragen.

Het volgen van dergelijke opleidingen betekent in geen geval dat men vrijgesteld kan worden van het volgen van de verplichte seminaries voor stagiairs.

Zie Richtlijnen Stage BIBF


Laatst gewijzigd op 28/02/2018 17:30:23
Navigatie
  • TERUG