Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Stageverslag
A.Wettelijke basis

KONINKLIJK BESLUIT TOT GOEDKEURING VAN HET STAGEREGLEMENT VAN HET BEROEPSINSTITUUT VAN BOEKHOUDERS (KB VAN 10 APRIL 2015- B.S. 19 MEI 2015)

Art.18.

De stagiair maakt samen met de stagemeester een stageverslag op voorafgaand aan zijn aanvraag tot inschrijving op het praktisch bekwaamheidsexamen. Het stageverslag geeft een overzicht van de werkzaamheden die de stagiair heeft verricht of waaraan hij heeft deelgenomen alsook een evaluatie van het verloop van de stage. De Raad bepaalt vorm en inhoud van dit verslag.

Art. 22.

De stagemeester neemt geregeld kennis van de stagewerkzaamheden van zijn stagiair. Hij bespreekt deze samen met de stagiair.

Indien de stagiair aan zijn verplichtingen tekort komt zal de stagemeester dit tijdens de stage dienen te melden aan de Kamer..

B. Uitvoering

1. Algemene informatie

Het stageverslag omvat eigenlijk twee luiken:

  • 1.Een overzicht van de tijdens de stage verrichte werkzaamheden

Dit overzicht wordt door de stagiair gedurende de gehele duur van de stage zelf bijgehouden middels bijvoorbeeld een timesheet, excel-bestand … dat maandelijks wordt voorgelegd aan de stagemeester die er ook zijn/haar handtekening zal onderzetten.

  • 2. Het tweede luik bestaat uit een auto-evaluatie van de beroepskennis en –ervaring door de stagiair en een gelijkaardige evaluatie(-s) door de stagemeester(-s).

Beide evaluaties zijn noodzakelijk en vormen samen het stageverslag.

Dit luik kan enkel gedaan worden via de toepassing “stageverslag V2” - beschikbaar via het extranet van de website van het BIBF:https://extranet.ipcf.be/NCSMenu.asp.

2.Documenten die deel uitmaken van het stageverslag (artikel 17, derde lid Stageverslag – KB 10 april 2015)

Op eender welk ogenblik van de stage kan de stagecommissie aan de stagiair vragen dat deze documenten voorlegt ter rechtvaardiging van de uitgevoerde prestaties zoals een door de stagemeester(-s) ondertekende timesheet van de uitgevoerde prestaties of facturen, enz …

De stagiair houdt gedurende de gehele duur van de stage deze informatie bij op maandelijkse basis.

Op eenvoudig verzoek moet de stagiair deze documenten binnen de 8 dagen overmaken.

3.Wanneer moet men de auto-evaluatie invullen ?

Wanneer de stagiair minstens 12 maanden stage heeft doorlopen en minstens 1000 uren stageprestaties in rekening kan brengen en wanneer hij wenst deel te nemen aan het eerstvolgend praktisch bekwaamheidsexamen (Zie richtlijn 2010/1)

4. Periode van inactiviteit

Indien de stagiair tijdelijk - gedurende minstens 1 maand - geen beroepsactiviteiten meer heeft, dient hij/zij dit voorafgaand te melden aan de stagedienst. Tevens geeft hij/zij aan wanneer de werkzaamheden terug zullen aanvangen. Indien deze periode langer duurt dan 3 maanden, dient de stagiair de (tijdelijke) schorsing van de lijst van de stagiairs te vragen aan de bevoegde uitvoerende kamer.

Zie Richtlijn 2010/2. Nationale Raad - 24/10/2014


Laatst gewijzigd op 28/02/2016 21:05:37