Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Nr 67 - 31.12.99 - De behoeften aan bedrijfskapitaal

Editie nr 67 van 31 december 1999

De behoeften aan bedrijfskapitaal

    Auteur:
    Paul LEDENT en Georges HONORE
    Leden van de Nationale Raad

Als we de cijfers van het aantal faillissementen in ons land bekijken, dan stellen we vast, voor zover dit nog nodig was, dat heel wat van die faillissementen reeds optreden in de eerste jaren Ė ja zelfs tijdens de eerste 15 maanden Ė na de oprichting van de vennootschap. De oorzaken zijn legio: een gebrekkige kennis van de markten die de zaakvoerders aanboren; beheersfouten of indienstneming van weinig bekwaam of te veel personeel. Allemaal verstorende factoren voor de goede start van een onderneming die nog zwak is vanwege haar prille leeftijd. Eťn van de belangrijkste factoren in het opstartproces van een bedrijf is de behoefte aan bedrijfskapitaal (B.B.K.)

1. Definitie van de B.B.K.

Het permanent vermogen samengesteld uit het volstort kapitaal en de leningen (schulden op lange termijn) vormt de basisthesaurie. Daarmee kunnen de productiemiddelen en de grondstoffen aangekocht worden. Ze zijn onmisbaar voor het opstarten en handhaven van het fabricageproces waarop de productiekosten, zoals de lonen en het gebruik van energiebronnen, drukken. De fabricage zal ten slotte de afgewerkte producten opleveren bestemd voor de verkoop. Na betaling van de facturen die daarmee gepaard gaan, zal de thesaurie "opnieuw gespijsd" zijn. De cyclus is daarmee theoretisch rond en de autofinanciering van de onderneming in principe ook.

De behoefte aan bedrijfskapitaal is dus de financiŽle behoefte die voortvloeit uit de constante en voortdurende vernieuwing van de verrichtingen die de exploitatiecyclus teweegbrengt. De eerste verrichtingen (aankopen, verkopen, betalingen, lonen, voorraadopslag, schuldvorderingen, schulden op korte termijn) vormen cyclische verrichtingen. De verrichtingen met betrekking tot de vaste activa en de permanente passiva vormen de acyclische "aanwendingen en bronnen".

2. Factoren die de B.B.K. beÔnvloeden

  • de beslissing van de bedrijfsleider die de kredietpolitiek bepaalt tegenover de klanten (commerciŽle actie bij de lancering van de producten) en tegenover de leveranciers (wantrouwen van bepaalde leveranciers ten aanzien van een onderneming in haar beginfase) heeft een grote invloed op de behoeften;
  • het voorraadbeheer zowel van de grondstoffen als van de afgewerkte producten;
  • de omvang van het omzetcijfer (O.C.);
  • de duur van de exploitatiecyclus. Deze verschillende punten zijn allemaal factoren waarmee voor de berekening van de B.B.K. rekening moet worden gehouden.

    Laten wij het eerst even hebben over deze laatste factor, met name de duur van de exploitatiecyclus.

    Indien de voorraad grondstoffen (1) gedurende 20 dagen in stock blijft; de fabricagetermijn (2) 40 dagen is; het (3) 20 dagen duurt vooraleer het afgewerkt product verkocht en geleverd wordt en de aan de klanten verleende betalingstermijn (4) 60 dagen bedraagt, dan is de behoefte aan bedrijfskapitaal uitgerekend in dagen gelijk aan (1) + (2) + (3) + (4) d.w.z 140 dagen waarvan het aantal kredietdagen toegekend door de leveranciers nog moet worden afgetrokken.

    Schematisch ziet dit er als volgt uit:

    <
    (1) (2) (3) (4)
    20 dagen 40 dagen 20 dagen 40 dagen
    50 dagen 90 dagen
    leverancierskrediet B.B.K.

    Dit schema toont het belang aan van het "Just in time"-systeem, dat vaak gebruikt wordt in de automobielsector en in hoogtechnologische bedrijven. Hetzelfde geldt voor de stockage van het afgewerkt product. Dit moet verkocht worden tijdens het fabricageproces en na afloop onmiddellijk geleverd worden aan het cliŽnteel. Een maximale inkorting van de periodes (1) en (3) zal de duur van de B.B.K., en dus ook van de financiering ervan, drastisch verminderen.

    3. De B.B.K.

    3.1. Waarom is de berekening van de B.B.K. nuttig?

    Vůůr alles is het hoogst wenselijk dat men, om de voorzienbare B.B.K. te bepalen, over een boordtabel beschikt gedurende de ganse duur van de exploitatiecyclus. Vervolgens is het interessant, of in sommige gevallen zelfs noodzakelijk om de reŽle B.B.K. te vergelijken met de geÔdealiseerde B.B.K.

    Daarvoor bestaan heel wat ingewikkelde methodes en formules. In dit artikel willen wij u een eenvoudige methode voorstellen. Ze bestaat in een keuze voor een gemeenschappelijke eenheid voor alle elementen van het bedrijfskapitaal (B.K.). Deze basiseenheid is de "dag" en meer bepaald het (omzetcijfer) O.C./365 = O.C.-Dag.

    De methode berust dus op de factor "tijd", d.w.z. de duur van de stockage, het klantenkrediet en het leverancierskrediet. Hoe langer de exploitatiecyclus, hoe meer fondsen nodig zijn om die cyclus te financieren. Deze elementen die omgerekend werden in omloopsnelheid, moeten gewijzigd worden in functie van de weerslag die zij op het O.C. hebben.

    3.2. Berekeningsproces van de B.B.K.

    3.2.1. Omloopsnelheid van vlottende activa.

    We bepalen de tijd die nodig is om vlottende activa in liquiditeiten om te zetten, of nog de duur van de voorraadrotatie en van het klantenkrediet. Ook de uitgaven van het passief, d.w.z. de duur van het leverancierskrediet.

    Voorraadrotatie

      A1. {[(Beginvoorraad + eindvoorraad) / 2] / Kostprijs (aankoopprijs) van de verkochte producten }* 360 of 365

    Klantenkrediet

      A2. [Handelsvorderingen / (Omzetcijfer + BTW)] * 360 of 365

    Leverancierskrediet

      A3. [Handelsschulden / (Aankopen van grondstoffen en kosten + BTW)] * 360 of 365

    3.2.2. De wegingsfactor in functie van het O.C., excl. BTW bepalen (uniformering van de termijnen)

    Voorraden

      B1. [Kosten van aankopen van de verkochte producten excl. BTW] / Omzetcijfer excl. BTW

    Klantenkrediet

      B2.(Omzetcijfer incl. BTW / Omzetcijfer excl. BTW) * 1,21 of 1,06

    Leverancierskrediet

      B3. (Aankoop grondstoffen + kosten incl. BTW) / Omzetcijfer excl. BTW

    3.2.3. Bepaling van de wegingstijden, met name door de duur te vermenigvuldigen met de wegingscoŽfficiŽnt; het product geeft het aantal dagen O.C.

    Van de voorraad = A1 * B1 = N dagen O.C. (Activa)
    Van het klantenkrediet = A2 * B2 = N dagen O.C. (Activa)
    Van het leverancierskrediet = A3 * B3 = N dagen O.C. (Passiva)

    3.2.4. Globalisatie

    Het verschil maken van de aantallen dagen O.C. "activa" en de aantallen dagen O.C. "passiva". Het verschil geeft het aantal dagen netto O.C.

    3.2.5. Valorisatie van de behoefte aan bedrijfskapitaal Deze verkrijgt men door het aantal dagen netto O.C. te vermenigvuldigen (zie punt 4.1. infra) met het O.C. dag.

    4. Voorbeeld

    4.1. Gegevens

    Een onderneming heeft de volgende gegevens:

    < < < < < < < < < <
    Voorraad grondstoffen:   6.000.000  
    Voorraad afgewerkte producten:   4.800.000  
    Schuldvorderingen:   9.000.000  
    Vroegere (begin-) voorraad grondstoffen: 4.000.000    
    Vroegere voorraad afgewerkte producten: 4.000.000    
    TOTAAL :   19.800.000 
    Handelsschulden :     5.000.000
    Resultatenrekening :      
    Aankoop grondstoffen : 40.000.0000    
    Productiekosten: 16.000.0000    
    Omzetcijfer:   80.000.000  

    4.2. Rotaties

    Voorraad grondstoffen = [(4 M + 6 M) / 2] / [(40 M + 4 M - 6 M) = 38 M] = 0,132 * 360 = 47 d.

    Voorraad afgewerkte producten = [(4 M + 4,8 M) / 2] / (38 M + 16 M + 4 M - 4,8 M) = 0,083 * 360 = 30 d.

    Vorderingen op klanten = 9 M / (80 M * 1,21) = 0,093 * 360 = 33,5 d.

    Leverancierskrediet = 5 M / (56 M * 1,21) = 0,073 * 360 = 27 d.

    4.3. De wegingscoŽfficiŽnt berekenen

    < < < <
      Teller Noemer CoŽfficiŽnt
    Grondstoffen 38 M 80 M 0,475
    Afgewerkt product 53,2 M 80 M 0,665
    Vorderingen 96,8 M 80 M 1,210
    Leveranciers 56 M 80 M 0;700

    4.4. De gewogen tijden berekenen

    < < < < < < <
      Duur Weging Cyclische activa Cyclische Passiva
    Voorraad Grondstoffen 47 0,475 22,30  
    Voorraad afgewerkte producten 30 0,665 20,00  
    Vorderingen 33,50 1,210 40,00  
    Handelsschulden 27 0,700   19
    Aftrekbare BTW 35 0,147   5
    Verschuldigde BTW 35 0,210 7,30  
    TOTAAL     89,6 24

    4.5. Globalisatie

    Aantal dagen O.C. "activa" - het aantal dagen O.C. "passiva", hetzij 89,6 - 24 = 65,6

    4.6. Valorisatie van de B.B.K. door het aantal dagen netto O.C. te vermenigvuldigen met het O.C. dag.

    65,6 * (80.000.000 / 360) = 14.577.777
    wat de provisionele B.B.K. vertegenwoordigt.

    5. Betekenis van de B.B.K.

    Na deze berekeningen, stellen wij vast dat de B.B.K. zich verschillend positioneert naar gelang van het type onderneming, haar omvang, haar afzetmarkten, Ö De B.B.K. kan hoog, zwak of zelfs negatief zijn. De onderneming kan in expansie verkeren of in recessie. Overlopen wij snel even de diverse mogelijkheden en de gevaren die deze kunnen inhouden.

    5.1. De B.B.K. is negatief

    Deze situatie is vooral eigen aan grote distributieondernemingen. Zij hebben de mogelijkheid om de exploitatiecyclus te laten financieren door de leveranciers terwijl het krediet dat aan de klanten verleend wordt, laag of zelfs onbestaand is. Deze situatie maakt het mogelijk om aanzienlijke winstgevende geldbeleggingen te verrichten wanneer de interestvoeten hoog zijn. Het gevaar schuilt in het feit dat onvoorziene activiteiten in het maatschappelijk doel van de onderneming alle andere activiteiten in de hoek drijven.

    5.2. De B.B.K. van de onderneming is hoog

    Dit is het geval bij ondernemingen met een hoge toegevoegde waarde en een lange exploitatiecyclus. In geval van expansie zal de financiŽle situatie van de onderneming bedreigd worden. De inbreng van eigen kapitaal is ideaal. Het aangaan van een lening kan worden overwogen voor zover de betaalde interest het effect van de expansie niet tenietdoet.

    In geval van recessie, zal de onderneming minder kwetsbaar zijn. Haar O.C. zal dalen en het daarmee overeenstemmende deel van het aldus volgestorte kapitaal zal de thesaurie spijzen. Vermits het om een systematische inbreng van "vers geld" gaat, is het soms wenselijk, om in dat geval, het omzetcijfer te verminderen om een hachelijke financiŽle situatie te regulariseren en opnieuw te vertrekken vanuit een gezondere basis.

    5.3. De B.B.K. van de onderneming is laag

    De ondernemingen waar de behoeften aan bedrijfskapitaal laag zijn, zijn die welke een toegevoegde waarde hebben en een korte exploitatiecyclus. In geval van expansie, zal de groei van de onderneming makkelijker kunnen verlopen. Maar in geval van recessie krijgt men het omgekeerde effect. In dat geval kan een zwakke of negatieve B.B.K. de onderneming in een uiterst moeilijke situatie brengen. Een daling van het O.C. leidt immers tot de vermindering van de B.B.K. indien dit zwak of negatief is en voornamelijk samengesteld is uit schulden ten aanzien van de leveranciers. Deze laatste zullen snelle (of contante) betalingen eisen tijdens een periode van dalende verkopen. Het enige middel om het faillissement van de onderneming te vermijden, zal erin bestaan opnieuw tot expansie over te gaan. 

    ***


  • Laatst gewijzigd op 31/10/2011 12:01:00