Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Nr 63 - 31.10.99 - Nieuwe fiscale procedure

Editie nr 63 van 31 oktober 1999

Nieuwe fiscale procedure: snel en correct wezen

    Auteur:
    Josť Haustraete
    Lid van de Nationale Raad

Sinds het aanslagjaar 1999 is de nieuwe fiscale procedure van toepassing. Voor de praktijk betekent dit dat o.a. de aanslagbiljetten in de onroerende voorheffing en de inkomstenbelastingen i.v.m. inkomsten 1998 of boekjaar 1998 c.q. 1998/1999 reeds minutieus moeten nagezien worden en dat een bezwaarschrift in te dienen is binnen de drie maanden na verzending van het aanslagbiljet (art. 28 Wet van 15 maart 1999 betreffende de beslechting van fiscale geschillen en art. 371 WIB 1992).

Eens die datum gepasseerd, is de belastingplichtige definitief alle rechten kwijt en kan ook een advocaat niet meer optreden, tenzij beroep kan gedaan worden op de uitzonderlijke gevallen van de ambtshalve ontheffing (art. 376 WIB 1992). De nieuwe fiscale procedure is opgesteld vanuit het standpunt van een advocaat, die steeds het probleem eigen aan zijn dossier op voorhand kent.

Totaal anders is het gesteld met de eerstelijnsconsulenten, die misschien pas na maanden of zelfs jaren vaststellen dat de ingediende aangifte of een akkoord op een bericht van wijziging anders had moeten worden opgesteld 1 zonder dat hem/haar zelfs enige fout treft. Het eventuele probleem is hen m.a.w. vandaag niet bekend zodat actie ook moeilijk mogelijk is. De complexiteit van en de steeds wijzigende Belgische fiscale wetgeving zijn verantwoordelijk voor deze nieuwe doch harde realiteit. De wetgever heeft via deze bijzonder korte termijn van drie maanden nogmaals in de verf gezet dat BelgiŽ inderdaad het slechtst scoort qua fiscale vertrouwensindicator in vergelijking met de belangrijkste andere geciviliseerde en geÔndustrialiseerde landen, zoals dit uit diverse internationale studies blijkt2. Zo kan de Nederlandse inspecteur van belastingen te allen tijde de aangifte ten voordele van een belastingplichtige rechtzetten. Van een bedrijfsvriendelijke fiscale wetgeving gesproken !

Om te vermijden dat, ingevolge de huidige fiscale procedure, het pakket "onzichtbare belastingen" nog zou aangroeien en het in de toekomst schadeclaims ten laste van de adviseurs en de verzekeringsmaatschappijen zal regenen, is het zeker aan te bevelen dat elke boekhouder B.I.B.F. zoveel mogelijk voorzorgsmaatregelen neemt zowel ten gunste van de cliŽnt als ten gunste van hemzelf . Wij denken hierbij aan volgende acties :

  • Bij twijfel onmiddellijk een geldig bezwaarschrift indienen. Er kan dus onmogelijk nog gewacht worden tot 30 april tenzij voor aanslagbiljetten in verband met aanslagjaar 1998 en vorige.

  • De cliŽnt moet ertoe aangezet worden bepaalde leefregels na te leven, waarbij wij het volgende suggereren:
      a. elk aanslagbiljet is door de cliŽnt binnen de twee werkdagen na ontvangst van dit biljet te faxen naar de boekhouder B.I.B.F.;
      b. dit aanslagbiljet Ė of een fotokopie ervan Ė is door de cliŽnt via de post te versturen aan de boekhouder B.I.B.F. binnen de zeven werkdagen na ontvangst van dit biljet;
      c. deze aanslagbiljetten mogen door de cliŽnt zeker nooit geklasseerd worden tussen de bankuittreksels of facturen tenzij de vorige twee acties werden ondernomen;
      d. bij afgifte ten kantore van de boekhouder B.I.B.F. moet er expliciet de aandacht op gevestigd worden dat het een aanslagbiljet betreft. De voorkeur gaat evenwel naar de werkwijze sub a. en b. In die omstandigheden hebben alle partijen immers documenten waaruit het werkelijke tijdsverloop inzake al dan niet stipte afgifte van deze belangrijke documenten kan worden afgeleid.

  • De boekhouder B.I.B.F. doet er goed aan via een afzonderlijk werkcircuit deze biljetten op te volgen en bijvoorbeeld volgende werkwijze te volgen :

      - in een map een cliŽntenlijst bijhouden met vermelding van de datum van verzending van het aanslagbiljet door de cliŽnt en van de datum van ontvangst van het biljet door de boekhouder B.I.B.F.;
      - de aanslagbiljetten chronologisch klasseren en op hun juistheid Ė nl. overeenstemming met de ingediende aangifte en/of het bericht van wijziging en/of het akkoord Ė controleren. In geval van verschil of twijfel onmiddellijk een geldig bezwaarschrift indienen;
      - gezien het best mogelijk is dat noodzakelijke correcties pas blijken na het indienen van de aangifte of het antwoord op het bericht van wijziging, is het aangewezen hiervan systematisch nota te nemen en dit bijvoorbeeld vooraan te vermelden op het dubbel van de aangifte of de map waarin deze aangifte jaarlijks wordt geklasseerd;
      -de cliŽnt onmiddellijk schriftelijk wijzen op de mogelijke gevolgen indien de werkwijze sub a. en b. niet correct wordt gevolgd.

    Bij de beoordeling van schadeclaims t.o.v. een verzekeringsmaatschappij zal wellicht rekening gehouden worden met o.a. voorgaande spelregels teneinde uit te maken in hoeverre er een fout kan ten laste gelegd worden ten nadele van de boekhouder B.I.B.F. Ons inziens lijkt het aangewezen een kopie van huidige aanbevelingen of een vergelijkbare inhoud onmiddellijk te zenden naar alle cliŽnten. Het is immers al te eenvoudig de fout achteraf ten laste te leggen van de adviseur. Ook de cliŽnt moet zijn verantwoordelijkheid nemen en de boekhouder helpen om de fiscale wet naar best vermogen toe te passen.

    Onroerende voorheffing: indien het aanslagbiljet de belastingplichtige bereikt in het voorjaar, is het noch voor de belastingplichtige noch voor de consulent mogelijk reeds uit te maken in hoeverre er al dan niet een bezwaarschrift zal moeten worden ingediend wegens improductiviteit. Eens de normale termijn van drie maanden verlopen kan, in die omstandigheden, ons inziens toch nog beroep gedaan worden op de uitzonderlijke termijn van drie jaar wegens ambtshalve ontheffing conform art. 376, ß 3, 2į WIB 1992. Artikel 257 WIB 1992 heeft het inderdaad over de verminderingen wegens bescheiden woning, groot-oorlogsinvalide, kinderen ten laste en improductiviteit.

    ----------------

    1. "De fiscale procedure: de eerstelijnsconsulent versus de advocaat", Josť Haustraete, A.F.T., 11 november 1998
    "Korte bezwaartermijn van drie maanden is ramp", Josť Haustraete, De Financieel Economische Tijd, 9 april 1999.
    2. World Economic Forum, The World Competitiveness Report 1994, Arthur Andersen vertrouwensindicator:
    Ver. Koninkrijk: 6.5 - Ver. Staten: 6 - Japan: 5.9 - Nederland: 4.6 - Duitsland: 4.1 - Frankrijk: 3.9 - ItaliŽ: 2.7 - BelgiŽ: 2.4
    Aantal fiscale ambtenaren per 10.000 inwoners : BelgiŽ: 28 - Duitsland: 24 - Nederland: 20 - Ver. Koninkrijk: 16 - Frankrijk: 14.
    Studie vanwege de Amerikaanse Bank Merill Lynch;
    Studie in opdracht van de Amerikaanse Kamer van Koophandel in BelgiŽ (Amcham)

    Laatst gewijzigd op 11/08/2005 11:35:00