Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Nr 58 - 15.07.99 - Afgifte van BTW-briefjes

Editie nr 58 van 15 juli 1999

Afgifte van BTW-Briefjes

Op 1 april 1999 zijn nieuwe bepalingen van kracht geworden. We vergelijken ze met de oude verplichtingen. In de BTW-circulaire nr. 6 van 27 april 1999 worden de nieuwe bepalingen nader toegelicht.

1. Personen die een BTW-briefje moeten uitreiken

1.1. Uitbaters van een hotel

De verplichting tot afgifte van een BTW-briefje wordt opgelegd aan de hoteluitbater of, meer algemeen, aan de uitbater van een etablissement waar betalende gasten verblijven.

Deze verplichting is niet gewijzigd door de nieuwe bepalingen. Men neme er nota van dat ze, zoals in het verleden, eveneens geldt voor rendez-voushuizen.

Het BTW-briefje heeft niet enkel betrekking op het verblijf zelf, maar ook op de voeding, de dranken en alles wat bij het verblijf hoort en wat gewoonlijk wordt doorberekend in de totale afrekening van de prestaties (telefoon, wasgoed, parking, plaatsbespreking in toneelzalen/bioscopen, inschrijving voor excursies, enz.)

1.2. Uitbaters van een etablissement waar geregeld maaltijden worden verbruikt

1.2.1. Draagwijdte

Voorheen had de verplichting enkel betrekking op restaurantuitbaters.

Nu is ze verder uitgebreid tot:

    - ELK ETABLISSEMENT
    * wat ook de benaming van het etablissement is (restaurant, taverne, snackbar, pizzeria, feestzaal, café, cafetaria, ijssalon, banketbakkerij, pannenkoekenrestaurant, frituur en andere verbruikszalen enz.)

    - WAAR MAALTIJDEN VERBRUIKT WORDEN
    * wat ook de aard van de maaltijden is
    (koud, warm, volledig, licht, vegetarisch, bijgerechten, een of meerdere gerechten, enz.)
    * wat ook de verbruikswijze is
    (aan tafel, aan de toog, leunend op een muurtablet, ingerichte plek in open lucht, ter gelegenheid van een banket enz.)
    * wat ook de dienstverlening is
    (aan tafel of self service, zodra de nodige voorwerpen voor verbruik ter plaatse ter beschikking van de consumenten staan: tafels, stoelen, bankjes, bestek, borden, glazen, koppen enz.)

1.2.2. Uitzonderingen

In de volgende omstandigheden is het BTW-briefje niet verplicht.

1.2.2.1. Uitbaters van foorkramen

    De uitbaters van foorkramen die worden gebruikt bij kermissen (zelfs voor langere periodes), op markten, bij volksfeesten, sportmanifestaties, zijn niet verplicht om een BTW-briefje af te leveren.

    We wijzen er niettemin op dat de permanent geplaatste installaties wel BTW-briefjes moeten afleveren. Dat is bijvoorbeeld het geval voor installaties in attractieparken of op parkeerterreinen langs autosnelwegen.

1.2.2.2. Bedrijfsrestaurants

    Werkgevers die voor hun personeel voorzien in maaltijden die verbruikt worden in bedrijfsrestaurants, ontsnappen aan de plicht om een BTW-briefje af te leveren.

1.2.2.3. Kleine versnaperingen bij dranken

    De volgende producten hoeven niet het voorwerp uit te maken van een BTW-briefje: kleine versnaperingen, die de uitbater niet zelf moet (toe)bereiden en die over het algemeen worden geserveerd bij dranken (chips, droge worstjes, ansjovis, koekjes, wafels, chocolaatjes, hardgekookte eieren enz.) en voor zover ze niet verbonden zijn met het verbruiken van een maaltijd (in welk geval het BTW-briefje de prijs van alle gerechten moet omvatten, met inbegrip van dranken, aperitieven, koffie enz.)

1.2.2.4. Maaltijden die door de klant worden meegebracht voor consumptie buiten de installatie van de uitbater

    Maaltijden die door de klant worden meegebracht om te worden geconsumeerd, buiten de installatie van de uitbater en zonder enige interventie van die laatste, zijn leveringen van goederen die niet onderworpen zijn aan de plicht op het BTW-briefje.

    Het BTW-tarief kan overigens 6% bedragen voor zover de bedoelde voedingswaren onderworpen zijn aan dat tarief (niettemin geldt het tarief van 21% voor kaviaar, langoest, kreeft, krab, rivierkreeft, oesters enz.). Het tarief van 21% is nog van toepassing op de restauratieverrichtingen.

1.2.2.5. “Lichte” maaltijden geserveerd door “niet-restauranthouders”.

    Hier worden als “niet-restauranthouders” beschouwd: uitbaters van een tapgelegenheid (café, taverne), snackbar, cafetaria, ijssalon, tearoom of andere verbruiksgelegenheden, uiteraard met uitzondering van restaurants, hoe de benaming ervan ook luidt (pizzeria, fastfood, enz.), aangezien ze zich beperken tot het serveren van “lichte maaltijden”.

    De hier bedoelde “lichte” maaltijden zijn die welke in onderstaande lijst terug te vinden zijn, voor zover ze ten hoogste met brood worden opgediend:
    - soepen;
    - tosti’s en alle andere soorten toast;
    - garnaal-, vlees-, gevogelte-, kaaskroketten, enz.;
    - koninginnehapje, pensen, satés;
    - broodjes, hamburgers, hotdogs, pita, enz.;
    - pasta, pizza, quiche en andere hartige snacks;
    - koude vleessalade, vissalade, enz.;
    - koude vleesschotels;
    - omeletten, roereieren, spiegeleieren en andere eiergerechten;
    - pannenkoeken, desserten, roomijs, wafels, gebakjes, brioches, croissants, yoghurt en milkshakes.

    Opmerkingen

    a. De uitbater die ook andere maaltijden serveert dan die welke hierboven staan vermeld, dient een BTW-briefje af te leveren voor alle geserveerde maaltijden, met inbegrip van die in de bovenstaande lijst.

    b. De persoon die, in dezelfde installatie, tegelijkertijd een etablissement dat valt onder de bovenvermelde vrijstelling èn een restaurant uitbaat (bijv. een café en een restaurant, een snackbar en een pizzeria), moet eveneens het BTW-briefje afleveren voor alle geserveerde maaltijden, zonder uitzondering.

1.2.2.6. Frituuruitbaters

De aflevering van een BTW-briefje is niet verplicht wanneer de zaak voldoet aan de volgende drie voorwaarden.

    A. Eerste voorwaarde

    De uitbater beperkt zich tot het serveren van de voeding of de eetwaren die in onderstaande lijst per categorie zijn opgenomen en die traditioneel verkocht of verstrekt worden in de frituursector, al dan niet met brood en drank:
    - friet (bereiding in frituurvet of -olie)
    - aangekochte gerechten die volledig klaar zijn om in het vet of de olie te worden gebakken (hamburgers, burgers, gehaktballen, viandellen, sticks, satés, loempia’s, alle soorten kroketten);
    - sausen als mayonaise, mosterd, enz.;
    - kruiden, uien, augurken, ingemaakte mosselen, rolmops, enz.;
    - hardgekookte eieren;
    - voorgebakken en koud geserveerde worst, zoals cervelaatworst en jagersworst;
    - karbonaden, goulash, koninginnehapjes, gehaktballetjes;
    - hotdogs;
    - “smos”-broodjes enkel samengesteld uit brood, sla, tomaat, komkommer, ham, kaas, mayonaise, hardgekookte eieren en verse gesneden ui.

    Uitzonderingen

    De volgende producten zijn geen voedingswaren eigen aan de frituursector en vallen dus niet onder de vrijstelling:
    - verse mosselen,
    - vlees zoals steak, entrecôte en escalope;
    - pitta’s
    - tosti’s met ham en kaas, tosti’s ham-kaas-ei en andere soorten toast;
    - pasta en pizza;
    - eiergerechten met uitzondering van hardgekookte eieren;
    - sla en rauwkost;
    - desserten.

    Deze uitzonderingen hebben betrekking op de voedingswaren die ter plaatse geconsumeerd worden. Wanneer bijvoorbeeld verse mosselen worden gekocht en door de klant meegenomen om buiten het etablissement van de uitbater te worden verbruikt, blijft de eerste voorwaarde vervuld.

    B. Tweede voorwaarde

    De hierboven bedoelde voedingswaren worden enkel geserveerd in recipiënten of verpakkingen voor eenmalig gebruik, vervaardigd uit papier, karton of plastic, eventueel met bestek, eveneens voor eenmalig gebruik.

    C. Derde voorwaarde

    De interne en/of externe installaties die ter beschikking van de klanten worden gesteld zijn op zodanige wijze uitgerust of opgevat dat er maximaal zestien personen gelijktijdig ter plaatse de in de eerste voorwaarde vermelde voedingswaren kunnen consumeren.

    Het feit of die personen rechtstaand of zittend iets verbruiken, aan een tafel of aan de toog, leunend op een muurtablet, binnen of in open lucht, maakt geen verschil.

    Opmerkingen
    * De persoon die meerdere etablissementen uitbaat dient elk etablissement apart te beschouwen om te controleren of aan de eerste en de tweede voorwaarde is voldaan.
    * De vastgelegde beperking voor de vervulling van de derde voorwaarde daarentegen heeft betrekking op alle etablissementen die reeds aan de eerste en de tweede voorwaarde voldoen. Bijvoorbeeld, de uitbater van twee etablissementen waar gelijktijdig 9 personen iets kunnen verbruiken in het ene en 8 personen in het andere wordt voor elk etablissement, uitgesloten van het voordeel van deze uitzondering.
    * De uitbater van een frituur die aan zijn klanten die ter plaatse iets verbruiken, in dezelfde installatie tegelijkertijd de in 1.2.2.6. genoemde eetwaren en de “lichte” maaltijden uit 1.2.2.5. verstrekt, behalve kroketten, koninginnehapje, satés, hamburgers, hotdogs en hardgekookte eieren, is verplicht om voor het geheel BTW-briefjes af te leveren.

1.3. Wassen van gemotoriseerde voertuigen

Alle personen die instaan voor het wassen van gemotoriseerde voertuigen dienen BTW-briefjes af te leveren (carwash, garagehouders, uitbaters van parkeerterreinen, van servicestations enz.). Deze verplichting geldt voor wagens, wagens voor gemengd gebruik, minibusjes en kampeerauto’s. De verplichting heeft geen betrekking op vrachtwagens, bestelwagens, caravans, campers en motorfietsen.

De gewone terbeschikkingstelling van materiaal (hogedrukreiniger, sproeilans, wasborstel enz.), waarmee de klant zelf zijn voertuig kan wassen, hoeft niet het voorwerp uit te maken van de aflevering van een BTW-briefje.

2. Af te leveren document

2.1. BTW-briefje vervaardigd door een erkende drukker

Het BTW-briefje dat aan de klant moet worden afgeleverd, dient te zijn vervaardigd door een daartoe door de administratie erkende drukker. De vernietiging van niet-gebruikte BTW-briefjes mag enkel gebeuren in het bijzijn van een ambtenaar van het bureau voor BTW-controle waarvan de onderneming die de documenten vernietigt, afhangt.

2.2. Vervanging van het BTW-briefje door een kasticket

Om de BTW-briefjes te kunnen vervangen door gelijkaardige documenten, dient de betrokkene verplicht een verzoek te richten aan de BTW-controle waarvan hij afhangt.

Dat verzoek is onderworpen aan welbepaalde voorwaarden waarvan de betrokkene de juiste inhoud kan bekomen bij het voormelde controlebureau.

3. Sancties

Elke overtreding bij de aflevering van een BTW-briefje wordt bestraft met een boete van BEF 1.000 tot 100.000, per overtreding.

Wanneer de uitbater gebruik maakt van een kassa of een niet-toegelaten procedure, als hij niet voldoet aan de goedkeuringsvoorwaarden of de bekomen goedkeuring misbruikt, bedraagt de administratieve boete BEF 50.000.

4. Opmerkingen

Deze diverse toepassingsmodaliteiten maakten het voorwerp uit van een overleg tussen de administratie en diverse beroepsorganisaties. In zekere mate hebben ze een versoepeling van de verplichtingen opgeleverd, met name voor bepaalde etablissementen (zie 1.2.2.5.) en frituren (zie 1.2.2.6.).

We merken op dat de versoepelingen geen enkel gevolg inhouden aangaande het BTW-tarief, dat 21% blijft voor prestaties m.b.t. voeding en drank die ter plaatse verbruikt worden, ongeacht het feit of een BTW-briefje wordt uitgereikt. Bovendien zijn de algemene verplichtingen duidelijk verzwaard aangezien ze onder andere van toepassing zijn op personen die geen restaurantuitbaters zijn.

Wat te zeggen over de derde voorwaarde van 1.2.2.6. die een maximum van zestien personen vastlegt? Het doel daarvan is, een onderscheid te maken tussen kleine en grotere etablissementen. Maar waarom zouden we klagen als de toepassing van de belastingwetten wel eens de grappige toer op zou kunnen gaan... Kan u zich ook reeds de komische taferelen voorstellen?

Maar alle gekheid op een stokje, deze nieuwe bepalingen zijn van kracht geworden op 1 april en het ging zeer zeker niet om een grap. Met de boetes wordt namelijk niet gelachen!

Laatst gewijzigd op 11/08/2005 11:35:00