Beroepsinstituut van Erkende Boekhouders
en Fiscalisten
Wet van 22 april 1999
 
Nr 82 - 15.09.00 - Toespraak van de heer Maes

Editie nr 82 van 15 september 2000

Toespraak van de Heer Jean-Pierre MAES, Voorzitter van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen,
ter gelegenheid van de uitreiking van de BIBF-prijzen op 7 juli 2000


samenvatting

Mevrouw de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel,
Mijnheer de Voorzitter,
Mijnheer de ere-Voorzitter,
Leden van de Raad,
Dames en heren,

Het is U bekend dat ik als Voorzitter van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen - CBN het grootste belang hecht aan de goede verstandhouding en de nauwe samenwerking met de beroepsinstituten op het vlak van de ontwikkeling van de boekhouddoctrine. Dat is een essentieel beleidspunt van de vorig jaar nieuw samengestelde Commissie. Het lijkt me inderdaad moeilijk denkbaar dat goede doctrine zou tot stand komen zonder transparante en constante dialoog met de instellingen die de beroepsbeoefenaars vertegenwoordigen. Een dergelijke dialoog is hoegenaamd niet bedreigend voor de institutionele en intellectuele autonomie van de CBN, maar kan integendeel haar credibiliteit versterken.

In dat verband wens ik heel in het bijzonder Mevrouw Philippe, ondervoorzitter van uw Beroepsinstituut, te bedanken voor haar inzet als lid van de nieuw samengestelde CBN.

Staat u mij ook toe als Voorzitter van de Nederlandstalige jury de Nationale Raad van het Beroepsinstituut geluk te wensen met de organisatie van dit wetenschappelijk initiatief dat bijdraagt tot de intellectuele uitstraling en reputatie van het instituut.

Ik wens ook mijn twee collega’s te danken voor hun inzet en medewerking, met name de heren M. vander Linden, bedrijfsrevisor, en de heer Eddy Baudry, notaris te Brugge.

De jury had géén gemakkelijke opdracht, aangezien alle werken een hoog wetenschappelijk peil haalden. Na lectuur van de ingediende werken, na een interview met de kandidaten en na beraadslaging op grond van de beoordelingscriteria die in het Reglement van de BIBF-prijs zijn opgenomen (keuze van het onderwerp, originaliteit, methodologische aanpak, toegevoegde waarde voor de beroepspraktijk), heeft de Nederlandstalige jury geconcludeerd.

Laatst gewijzigd op 31/10/2011 12:02:00
Navigatie
  • TERUG